Zoekend naar verbinding

Een dreigende lucht hangt boven hun hoofden. Donkergrijs en zwaar. Regenstriemen vallen neer. Op de kop van een logge olifant die een paraplu boven het hoofd van zijn vriend de hond houdt. Samen zitten ze op een bankje, de hond lijkt gebukt te gaan onder meer dan die regen. Regen waar de olifant hem voor beschermt. Boven het plaatje van deze twee onwaarschijnlijke vrienden staat het volgende geschreven:

‘As you grow older, you realize it becomes less important to have more friends and more important to have real ones.’

Deze uitspraak is overgenomen van Ziad K. Abdelnour, schrijver van onder andere Economoc Warfare waar dit citaat uit afkomstig is. Het boek zal ik maar eens opzoeken, het citaat raakte me in ieder geval en wanneer ik Abdelnour Google, zie ik meer interessante zinsneden die blijkbaar uit zijn pen afkomstig zijn.

Plaatje en citaat deelde ik vandaag op mijn Facebook pagina. Dat plaatje verscheen – vast niet toevallig, Facebook lijkt gedachten te kunnen lezen – de ochtend na een avond filosoferen met Arjen op mijn tijdlijn. We praatten over de staat van ons leven. Die van onze vriendschappen hier en ver weg. Eerder die dag had ik koffie gedronken met vriend M en geluncht met een vriendin, ook een M. Fijne momenten in een verder tamelijk lege dag. Gesprekken die ergens over gingen. Geen ongemakkelijke stiltes. Gewoon goed. Ook als het stil was. Ik realiseerde me gisteravond:

A. Dat soort contacten – zoals met M en M – heb ik te weinig;
B. En mijn fantastische man heeft ze al helemaal nauwelijks buiten mij om. Niet hier althans;
C. En dat is, naast het gebrek aan natuur en de kaste-achtige maatschappij die Lima zo kenmerkt, wat onze plaatsing in Lima zo pittig maakt;
D. Kortom, we hebben er goed aan gedaan onze plaatsing te laten inkorten. Zomer 2020 vertrekken we.

Ik trek het boetekleed aan hoor. Want ik heb het ook een beetje opgegeven. Onze eerste jaren hier in Lima, heb ik me ingezet voor het verbeteren van de cultuur op school. Tot ik me realiseerde dat, zo lang de buitenlanders (ruimschoots) outnumbered zijn door de kapitaalkrachtige Latino gezinnen, het veranderen van de elitaire schoolcultuur onbegonnen werk is. Voorstellen worden welwillend, soms zelfs met enthousiasme ontvangen, om vervolgens tot volgend jaar (en het jaar erop) te worden doorgeschoven. Nu mijn vader zo ziek is, heb ik besloten alleen nog dingen te doen die me energie geven. Adieu Integrity Team dus. Die beslissing viel ongeveer gelijktijdig met het moment waarop ik de voorlopig laatste punt achter mijn boek zette (dat momenteel ergens in Nederland door iemand van een uitgeverij gelezen wordt). Mijn agenda werd zomaar opeens leeg. Erg leeg.

Een lege agenda is een hel voor de expat partner. Tijd om te piekeren en te dromen. Tijd voor heimwee. Tijd om te veel te eten en te weinig te doen. Die leegte slaat lam. Maakt lui en eenzaam. Als je niet oplet althans. Ik ben gepokt en gemazeld en laat dat mooi niet gebeuren. Dus ik maak mijn dagelijkse ochtendwandeling en spreek af met vrienden zoals M en M. Ik heb er best wel wat hier, vrienden. Of zijn het kennissen? Ik weet het niet meer. Want nu ik zoveel tijd om handen heb, merk ik dat sommige van die vriendschappen verdomde weinig om het lijf hebben. Luchtig en gezellig moet het zijn. Over dat ene leuke hotel in Cuzco en ‘oh ja, Kuna op Dasso heeft uitverkoop, zullen we…?’ ‘Hoe vind jij de nieuwe ambassadeur van land zus of zo?’ (Geen idee trouwens, dat houdt me totaal niet bezig…) ‘Zit jij in de pilot van school? Of beter nog, ken je iemand die me in die pilot kan krijgen want ik word gestoord van de schoolbus die altijd op een ander tijdstip komt dan ik denk.’ Nog erger wordt het als het gesprek komt op cateraars en de kwaliteit en kwantiteit van de hapjes op de receptie van Mexico en ‘waar komt toch die bartender vandaan die de perfecte gin-tonic mixt op Koningsdag?’

Ik zeur, ik weet het. Mijn werkende vriendinnen – die in Nederland want hier werkt niemand uit mijn vriendinnenkring – zouden er een moord voor doen eens een paar dagen de tijd te hebben om dit soort gesprekjes te kunnen voeren. Even gevrijwaard te zijn van een moordende agenda en immer hogere targets. Lekker met een vriendin bijpraten, liefst onder het genot van een top Peruaanse lunch, afgesloten met een postre om van te dromen. Ze waarschuwen me – ongetwijfeld terecht – dat ik stevig zal moeten wennen straks in Nederland. Mijn droom om weer aan het werk te gaan zou wel eens tegen kunnen vallen. Iedereen heeft het zo druk! Het is werken, gezin, ouders en zussen/broers, sporten en dan nog je huishouden. Zonder huishoudster. Met een vriendin afspreken vergt kunst en vliegwerk, die van de hogere soort. Een maand vooruit plannen is eerder regel dan uitzondering.

Ik ben heel wat flexibeler geworden door dit bizarre leven dat we nu al acht jaar leiden. Mijn bijzonder wendbare man heeft daar ongetwijfeld ook een stevige steen aan bijgedragen. Hoe is dat straks in Nederland? En vooral: ga ik daar dan wel die verbinding terugvinden? Mag het gesprek dan wel gaan over ouder wordende ouders? Veranderende rolverdelingen? Over die rottige ziekte die mijn vader inmiddels vier chemokuren heeft opgeleverd met de nodige bijwerkingen en twijfels. En dan moeten de bestralingen nog beginnen. Kan ik daarover praten zonder na een zin of twee onderbroken te worden met de opmerking dat de artsen zoveel kunnen tegenwoordig. Of dat je toch ergens aan dood moet gaan. Om vervolgens nog even terug te komen op die cateraar natuurlijk. En als ik een vriendin vraag hoe het nu echt gaat met haar, kan ik dan hopen op een antwoord dat niets te maken heeft met het zeer belangrijke werk van haar evenzeer belangrijke man / diplomaat / nooit thuis-zijnde vader. Of is het gras in werkelijkheid evenmin groen in Nederland?

Even terug naar dat plaatje van de vrienden olifant en hond. Ik had het nog maar net geplaatst of de privé berichten stroomden binnen. Vriendinnen uit Israël, de VS, Jordanië, Zwitserland en nog wat andere plekken hier meer in de buurt, meldden zich. Met herkenning en enige wanhoop. Hoe eenzaam kan het leven al expattend zijn. Al zijn we allemaal enorm bedreven geraakt in het vullen van ons leven, al maken we de prachtigste avonturen mee en spreken onze kinderen drie talen vloeiend, de vraag ‘waar doen we het voor?’, dringt zich blijkbaar op. Ouder worden en daarmee kritischer, speelt mee. Ouders die richting de 80 gaan en ver weg zijn, wakkeren gevoelens van heimwee aan. Maar ook die behoefte aan diepgang, verbinding en dan vooral het missen daarvan in de vaak snel opgebouwde vriendschappen in stad nummer zoveel wringt. Blijkbaar delen we die behoefte. Dus dan blijft bij mij die vraag bestaan: waarom vind ik dat dan niet hier? Als die behoefte blijkbaar vrij veel leeft onder lotgenoten, waarom blijven de contacten in Lima dan zo vluchtig?

Ik sluit deze blog dan ook af met de opmerking die ik maakte toen Arjen en ik gisteravond naar bed gingen na onze avond vol filosofische vragen over de staat van ons leven. Ik ga keuzes maken. Liever een paar contacten met inhoud dan vele zonder. En: ik begrijp het niet. Hoe anderen zo kunnen leven, hoppend van post naar post en op iedere volgende plek nog minder investeren in vriendschappen. Terwijl de bankrekening voller raakt van menig expat, lijkt het leven aan inspiratie in te boeten.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s