Nederlands onderwijs in het buitenland

Sinds kort ben ik voorzitter van de Nederlandse school in Lima. De Lama heten we en we hebben het moeilijk. Waarschijnlijk geldt dat voor veel NTC scholen (Nederlandse Taal en Cultuur) in het buitenland. Hoe dat komt? Enkele jaren geleden besloot de minister van Onderwijs de subsidiëring van Nederlands onderwijs in het buitenland te stoppen. Ik ben best wel voor zelfredzaamheid en ik snap ook best dat je als overheid niet alles kunt doen voor je in het buitenland vertoevende landgenoten. Maar met deze beslissing heb ik nog steeds moeite.

En dan gaat het me niet zozeer om gezinnen zoals wij, diplomaten en expats (excuses dames Wereldwijven, ik weet het, de termen liggen gevoelig). Over het algemeen is onze financiële positie stevig genoeg om de door het wegvallen van de subsidie hogere schoolbijdrage te betalen. Soms betaalt werkgever zelfs mee aan het Nederlands taalonderwijs voor de kinderen van uitgezonden medewerkers. Dit met het oog op de toekomstige terugkeer naar Nederland van de uitgezonden gezinnen. Wij redden ons dus wel.

Voor Nederlandse immigranten, Nederlanders die zich (in beginsel) voorgoed in een ander land hebben gevestigd,  is dat vaak een ander verhaal. Hun inkomen ligt op een ander niveau en hun werkgever boeit het over het algemeen niet zo of de kinderen van werknemer hun moeders of vaders taal goed beheersen. Al kies je ervoor in het buitenland te wonen, vaak wil je toch dat je kinderen jouw taal goed beheersen. Nederlands spreken met je kinderen is één ding. Maar ze echt leren lezen en schrijven, dat is een ander verhaal. Daar is onderwijs voor nodig. En daar zijn die NTC scholen dus voor. Je vindt ze overal ter wereld. Sommigen worden financieel ondersteund door een groot bedrijf als Shell. Maar de meesten moeten zichzelf bedruipen.

Om een officiële NTC school te zijn – als zodanig  erkend door het NOB – moet je aan een aantal voorwaarden voldoen. Eén daarvan is dat er minstens één gediplomeerde leerkracht moet zijn en natuurlijk zijn bij voorkeur alle leerkrachten gediplomeerd. De Lama heeft maar één leerkracht die tevens directeur is. Zij is speciaal om les te geven aan de Nederlandse kinderen in Lima van Nederland naar Peru verhuisd. Ze moet hier op een veilige en comfortabele plek wonen, ze moet eten en drinken en een prettig leven kunnen leiden. Daarnaast hebben we lesmaterialen nodig en een locatie om les te geven. De kosten voor dat alles worden gedragen door de gezinnen waarvan de kinderen naar De Lama gaan. En dat wringt.

Want die kosten zijn soms erg moeilijk op te brengen voor de immigranten-gezinnen. De expats betalen daarom meer. Maar ook daar zit een bovengrens aan en die hebben we bereikt. Voor beide groepen. We hopen dat er in de komende jaren meer leerlingen komen, maar zoals het nu is, hebben we in feite te weinig leerlingen om de school oneindig levend te houden. Hoe triest.

Zeker als je woont in een land als Peru wil je immers dat je kinderen eventueel terug kunnen naar Nederland op een gegeven moment. Voor hun vervolgonderwijs bijvoorbeeld. Of zelfs om er zich te vestigen. Nederlandstalig onderwijs – in aanvulling op hun reguliere dag-onderwijs – is belangrijk. Zelfs als je alleen wilt dat je kinderen het Nederlands beheersen om met hun opa en oma in Nederland te kunnen praten, chatten mailen heb je daar onderwijskundige ondersteuning bij nodig.

Waarom ik dit schrijf? Omdat ik het erg vind dat in de komende jaren steeds meer NTC scholen zullen verdwijnen. Er zijn online alternatieven hoor. Vaak inhoudelijk hele goede zelfs. En niet alleen via de eveneens dure Wereldschool. Maar hoe leuk is het dat onze kinderen iedere week les hebben samen met andere Nederlandse kinderen! Hoe ontzettend jammer zou het zijn als dat op den duur niet meer mogelijk is in Lima?

Ik moet zeggen dat we apetrots zijn op onze jongens. Iedere dinsdag (Benjamin) en iedere woensdag (Thomas) gaan ze ná hun dag op de Amerikaanse school en ná hun sportactiviteiten naar De Lama voor een kleine twee uur Nederlandse les. Daar komt om de week nog eens twee uur les op zaterdag bij. Ze oefenen hun woordenschat thuis met Bloon, kijken iedere ochtend naar het jeugdjournaal van de avond ervoor om aansluiting te houden op de belevingswereld van hun Nederlandse leeftijdsgenoten. Met Nieuwsbegrip werken ze aan hun Nederlands taalbegrip. En al komt dit alles bovenop hun gewone schooldagen, bovenop hun dagelijkse huiswerk in het Engels en Spaans, ze klagen nooit. Nooit vragen ze of ze een les kunnen overslaan omdat ze moe zijn of geen zin hebben.

Hoe het komt dat het zo goed werkt? Omdat ze een super juf hebben die niet alleen lesgeeft op De Lama maar zich ook nog eens inzet voor kinderen in sloppenwijken. En doordat ze les hebben samen met allemaal hartstikke leuke kinderen. Doordat ze in die paar uur per week even alleen maar Nederlands mogen (moeten!) praten. Heerlijk in hun moedertaal met de juf en met hun vriendjes kletsen.

Ik ben erg benieuwd hoe andere Nederlandse scholen in den vreemde omgaan met het verlies van de subsidies en de daarmee oplopende kosten die voor veel mensen niet op te brengen zijn. We hebben hier geen groot Nederlands bedrijf met veel uitgezonden Nederlandse gezinnen die we als sponsor kunnen benaderen. Hoe houden we De Lama levend? Tips zijn meer dan welkom!

 

One comment

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s